| Beroepsprofiel | Andere essentiële vaardigheid | Nog een gesprekshaakje |
|---|---|---|
| rijinstructeur | aanpassen aan nieuwe technologie die in wagens wordt gebruikt | rijpraktijken onderwijzen |
| docent alfabetisering | fundamentele rekenvaardigheden onderrichten | geletterdheid als sociale praktijk onderwijzen |
| schoolmaatschappelijk werker | problemen aanpakken die de academische vooruitgang belemmeren | ondersteuningsnetwerk van de student raadplegen |
This publication uses the ESCO classification of the European Commission. Eigen uitwerking van ESCO v1.2.0. Bronbegrip 3cd304db-9df0-4f22-9759-9ed86155876c. Iedere rij toont gekoppelde labels, geen vereiste Nederlandse beroepsbevoegdheid.
Gesprek vanuit rijinstructeur
Een rijinstructeur heeft in de classificatie 22 essentiële kennis- en vaardigheidsrelaties. Vanuit ‘aandacht tonen voor de situatie van studenten’ zijn ‘aanpassen aan nieuwe technologie die in wagens wordt gebruikt’ en ‘rijpraktijken onderwijzen’ twee extra ingangen voor een gesprek over dat beroep. In 5 van de 15 profielen staat de combinatie met ‘aanpassen aan nieuwe technologie die in wagens wordt gebruikt’; voor de combinatie met ‘rijpraktijken onderwijzen’ is dat 5. Vraag welke rol ‘aanpassen aan nieuwe technologie die in wagens wordt gebruikt’ speelde vóór iemand aan ‘aandacht tonen voor de situatie van studenten’ begon. Hoe zou een docent alfabetisering datzelfde werkmoment beschrijven als ‘fundamentele rekenvaardigheden onderrichten’ in de voorbereiding meespeelt?
Gesprek vanuit docent alfabetisering
Binnen de groep met ISCO-code 2352 komen hier 3 beroepsprofielen voor, waaronder docent alfabetisering. Twee essentiële begrippen naast ‘aandacht tonen voor de situatie van studenten’ zijn ‘fundamentele rekenvaardigheden onderrichten’ en ‘geletterdheid als sociale praktijk onderwijzen’. In de geselecteerde groep van 15 beroepen is het eerste begrip in 1 profielen essentieel en het tweede in 1. Laat iemand uit docent alfabetisering voor ‘geletterdheid als sociale praktijk onderwijzen’ de overdracht aan een collega beschrijven. Vergelijk het antwoord met dat van rijinstructeur over ‘rijpraktijken onderwijzen’. Welke handeling kon de collega in beide voorbeelden zelf terugzien?
Gesprek vanuit schoolmaatschappelijk werker
Voor schoolmaatschappelijk werker liggen andere accenten bij ‘aandacht tonen voor de situatie van studenten’. Op de essentiële lijst met 77 begrippen staan ook ‘problemen aanpakken die de academische vooruitgang belemmeren’ en ‘ondersteuningsnetwerk van de student raadplegen’. Onder alle bronberoepen bij ‘aandacht tonen voor de situatie van studenten’ is de combinatie met ‘problemen aanpakken die de academische vooruitgang belemmeren’ 2 keer aangetroffen en die met ‘ondersteuningsnetwerk van de student raadplegen’ 2 keer. Vraag aan een schoolmaatschappelijk werker wat bij ‘problemen aanpakken die de academische vooruitgang belemmeren’ zichtbaar verandert wanneer tijd of materiaal ontbreekt. Leg daarnaast een voorbeeld van rijinstructeur bij ‘aanpassen aan nieuwe technologie die in wagens wordt gebruikt’. Is het verschil door de omstandigheden ontstaan of door de eigen keuze van de uitvoerder?
Wat verandert er bij een derde beroepsprofiel?
In de groep rond ‘aandacht tonen voor de situatie van studenten’ omvat ISCO-code 5165 met 6 profielen een van de grootste vertegenwoordigde groepen. Daaronder vallen autorijinstructeur, rijinstructeur, rijinstructeur bus. Kijk je specifiek naar rijinstructeur en docent alfabetisering, dan zijn er naast ‘aandacht tonen voor de situatie van studenten’ nog 7 andere gedeelde essentiële begrippen. Eén daarvan is ‘onderwijsstrategieën toepassen’. Voeg je schoolmaatschappelijk werker toe aan de vergelijking, dan blijven buiten ‘aandacht tonen voor de situatie van studenten’ nog 1 gemeenschappelijke begrippen over. Deze telling beschrijft verbanden tussen beroepsprofielen. Er is geen sollicitant mee beoordeeld.
Onder de essentiële taken van rijinstructeur is ‘rijpraktijken onderwijzen’ een concrete controle voor de eerste werkproef. Voor schoolmaatschappelijk werker levert ‘ondersteuningsnetwerk van de student raadplegen’ een tweede, inhoudelijk andere opdracht op.
Vragen voor het vervolg
- Wat gebeurde er direct vóór ‘aanpassen aan nieuwe technologie die in wagens wordt gebruikt’?
- Wie kon achteraf ‘geletterdheid als sociale praktijk onderwijzen’ controleren?
- Hoe veranderde de werkwijze toen ‘problemen aanpakken die de academische vooruitgang belemmeren’ meer aandacht vroeg?
Bronnen
Waarover moet de kennismaking gaan?
Welke rol moet iemand straks vervullen, en wat wil je over aandacht tonen voor de situatie van studenten te weten komen?
